HARDNEKKIG MISVERSTANDEN OVER NUL OP DE METER

Ook vandaag bleek maar weer eens dat er hardnekkig misverstanden bestaan over fenomenen als Nul op de Meter, de Stroomversnelling, Energiedragers en Innovatie.

Tijd voor een volgende verdiepingsslag.

Een EPV voor alleen Nul op de Meter sluit andere technologieën uit is de meest gehoorde kreet die ik vandaag hoorde. Voor eens en altijd: Nul op de Meter heeft niks te maken met technologie. Nul op de Meter is slechts een ambitieniveau dat is bedacht om innovators over een systeemgrens te trekken waarbij voor de hand liggende oplossingen geen optie meer zijn.

Er wordt binnen en buiten de Stroomversnelling geëxperimenteerd met een veelheid aan technologieën. Zo kennen we warmtepompen met bodemopslag, lucht-water warmtepompen, infraroodpanelen, decentrale units die verwarmen, koelen en ventileren per verblijfsruimte, mini-compressors gecombineerd met WTW-systemen, palletkachels voor hoogbouw, gelijkstroom warmtepompen, stroomopslag, thermische warmte- en warmwatersystemen, koudemiddel infrastructuur voor verwarmen van hoogbouw, luchtverwarming op basis van verdringing, warmtemuren en warmbouwen systemen. Het is maar een greep uit de ontwikkelingen. Nog belangrijker is misschien wel dat bepaalde combinaties van die technologieën geïntegreerde systemen gaan vormen die als compleet component verkocht gaan worden. Door die integratie worden ze compacter gedimensioneerd en kan een flinke hoeveelheid dubbele componenten weggelaten worden. Daardoor zullen energie-modules in de toekomst steeds goedkoper worden en binnen 2 jaar kunnen concurreren met de huidige gastechnologie.

De hierboven gekozen systemen worden toegepast omdat ze op dit moment de best passende technologieën zijn binnen het huidige energiesysteem. Nul op de Meter of de EPV sluiten dus geen technologieën uit maar het wettelijk kader waarbinnen ons energiesysteem is verankerd doet dat.

Een ander hardnekkig misverstand is dat gas een technologie wordt genoemd. Dat is natuurlijk onjuist. Gas is een energiedrager. Er is een bepaalde technologie nodig om dat gas om te zetten in warmte en warm water. Technologieën om groen gas of synthetisch gas te produceren zijn in ontwikkeling en kunnen ook weer worden gezien als energiedrager van energie uit zon, wind of biomassa. Het zijn technologieën die onderdeel uitmaken van een centraal energiesysteem en praktisch niet zijn te koppelen aan individuele huizen. Het zijn technologieën die ook beter gekoppeld kunnen worden aan de hoogcalorische energievraag van de industrie en de transportsector. Het is doodzonde om dat schaarse en dure spul in gasnetten te stoppen om vervolgens een huis te verwarmen met een ongelooflijk lage energievraag met behulp van een uitontwikkelde technologie: de HR-ketel (waarvan de kleinste variant een capaciteit heeft van 20KW, dat is 10x zwaarder dan een EPV-woning nodig heeft).

De Stroomversnellingsmethode kent allen maar Nul op de Meter en is daarom beschikbaar voor slechts een klein deel van de woningvoorraad. Allereerst bestaat er geen Stroomversnellingsmethode. De Stroomversnellingspartners hanteren de EPV-principes omdat die het makkelijkst aan bewoners zijn uit te leggen, het makkelijkst zijn te garanderen en ze uitdaagt om te innoveren. Er is volop ruimte om voor grensverleggende technologieën te kiezen als ze maar geen gebruik maken van een fossiele energiedrager. Nul op de Meter is slechts een middel die veel dingen vereenvoudigt voor de huurder. Want hoe makkelijk is het om de huurder uit te leggen dat de meter achter de voordeur gewoon op nul kan uitkomen na een jaar. In de hele EPV wordt echter niet gesproken over Nul op de Meter of all-electric. Door de EPV te verbinden met Nul op de Meter en all-electric schept men een karikatuur die wordt vereenzelvigd met inflexibiliteit en het uitsluiten van andere innovaties.

Nog een misverstand die ik vandaag hoorde was de veronderstelling dat NOM slechts geschikt is voor een klein deel van de woningvoorraad en dus onvoldoende bijdraagt aan de besparingsdoelen. Hier heeft Energiesprong uiteraard uitvoerig studie naar gedaan. Daarnaast is binnen de Stroomversnelling studie gedaan naar de woningportefeuilles van de 6 corporaties. Die onderzoeken laten zien dat zo’n 50% van de voorraad geschikt is. Van de resterende 50% is 25% vooroorlogs of binnen 15 jaar rijp voor sloop. De andere 25% is te nieuw om de komende 15 jaar aan te pakken.

NOM doe je alleen bij woningen waarvoor een volledige hoog-niveau renovatie staat gepland. Ik zal niet zeggen dat we in staat zijn om met de huidige stand der techniek (cq. de prijs daarvan) in staat zijn die hele 50% nu al aan te pakken. Dat is echter ook niet de bedoeling. Het zijn de innovaties die ervoor gaan zorgen dat die 50% binnen het handbereik van NOM gaan komen. Dat nu misschien 15% kan is juist de grote uitdaging waar we aan werken.

Dat we een EPV-gas nodig hebben om de corporatiedoelen van 2020 halen was de laatste schok die ik vandaag kreeg te verwerken. Ik heb de afgelopen jaren veelvuldig gewaarschuwd voor het feit dat gemiddeld label B nooit gehaald zou worden als corporaties hun woningen standaard renoveren naar een label C of B. Een rekensom die nog te min is voor de rekentoets. Vooral de Randstad Corporaties waarvan velen de afgelopen jaren geen aandacht hebben besteed aan verduurzaming dringen daar nu op aan. Een gaswoning met een goede schil is volgens hen ook al heel innovatief. Daar moet dan maar een transitie-instrument als de EPV voor om zeep worden geholpen.

Deze controverse laat maar weer eens zien hoe dodelijk tussendoelen zijn bij het in gang krijgen van een transitie. Hier schuurt korte termijn duurzaamheid met de lange termijn transitiedoelen. Toen een corporatiebestuurder vertwijfelt uitriep dat we toch werken aan hetzelfde doel moest ik dat toch stevig ontkennen. Werken aan de doelen van 2020 of 2023 is echt wat anders dan werken aan de doelen van 2050. Voor de doelen van 2050 zijn radicale innovaties nodig. Die innovaties moeten nu worden ontwikkeld en aangejaagd. De EPV voor gas zet ons tien jaar terug in de tijd en vertraagd dus de ontwikkeling van een gas-alternatief. En dan laat ik alle lockin problemen die gaan ontstaan nog maar even achterwege.

Nog even voor de rekenaars die natuurlijk steeds weer duiden op het gebruik van fossiele energie in de winter. Een NOM woning verbruikt nog zo’n 600 m3 gas. Dat is 6.000 kWh aan energie. Met 600 m3 gas had in een centrale zo’n 3.000 kWh stroom gemaakt kunnen worden. Dat is ook de hoeveelheid die een NOM woning nodig heeft voor verwarmen en warm water. Er is dus geen verschil tussen een gaswoning en een woning die draait op elektrische energie. Behalve het feit dat die laatste categorie beter is voorbereid op een toekomst met louter duurzame energie.

  1 comment for “HARDNEKKIG MISVERSTANDEN OVER NUL OP DE METER

  1. hrelyveld
    13 oktober 2016 om 21:45

    Hi Jan Willem, hier nog een mooie clip van ons Rennovates-concept. Wij zijn nog op zoek naar geschikte locaties in Stedin-gebied. https://youtu.be/4HW5G5E3wb0
    Henri

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: